Eeklo

Eeklo herdenkt de Eerste Wereldoorlog, check onze agenda voor WOI-activiteiten in Eeklo.


Eeklo ligt centraal in het Meetjesland en is de centrumstad voor de streek. Ga naar www.eeklo.be.


Eeklo tijdens de Groote Oorlog

De taak van de Meetjeslandse gemeenten bestond erin om de Duitse opmars te vertragen. Eerst werden de Duitsers tegengehouden bij het Kanaal Gent-Terneuzen, nadien nog bij het Schipdonkkanaal.

Op 9 oktober 1914, een groot deel van België had dan al het hoofd moeten leggen voor de Duitsers, kreeg Eeklo hoog bezoek. Koning Albert I en koningin Elizabeth reden Eeklo binnen, Zijne Majesteit te paard, zijn echtgenote in een wagen. De koningin bezocht het militair hospitaal en koning Albert besprak de stand van zaken met de plaatselijke hoogwaardigheidsbekleders. "Uw streek heeft nog niet geleden. Ik beklaag u, zoals ik mijn land beklaag. Dat God het bescherme." De volgende dag vertrok het koningspaar richting Oostende. 

Op 13 oktober 1914 viel Eeklo, net als de omliggende gemeenten, in handen van de Duitsers. Rond die tijd passeerden veel vluchtelingen uit het oosten van het land door Eeklo. Ook veel Eeklonaars sloegen op de vlucht. Een paar dagen later werden de gevolgen van de bezetting pijnlijk duidelijk voor de Eeklonaars. Bakkers en slagers werden geplunderd door Duitsers die richting het IJzerfront trokken. Allerhande opeisingen en steeds nieuwe verordeningen waren schering en inslag. Zo werden de herbergiers verplicht hun deuren te sluiten na 19 uur.

Het Meetjesland maakte deel uit van het gebied net achter het front, 'Etappengebiet' genaamd. Dat wil zeggen dat Eeklo onder strenge militaire controle stond. Een groot deel van het Meetjesland viel onder de orders van de Kommandantur Eeklo. Vanuit Eeklo gaf de Kommandant zijn strenge orders. Vrij bewegen in en rond Eeklo was niet mogelijk, en er was strenge paspoortcontrole voor iedereen die Eeklo binnen of buiten wilde gaan. De Hollandstellung liep door Eeklo en het Meetjeslandse landschap werd bezaaid met kazematten. Deze kun je de dag van vandaag nog steeds zien liggen.

Na vier lastige jaren werd Eeklo bevrijd. Op 17 oktober 1918 dropten dertig geallieerde vliegtuigen bommen op militaire doelwitten in Eeklo. De weken daarop zou er stevig gevochten worden rond het Schipdonkkanaal. Op 31 oktober lieten 33 Belgische soldaten het leven in Balgerhoeke. Toch werden de Duitsers steeds verder verdreven, en stilaan bliezen de bezetters hun aftocht. Bij hun vertrek sloopten ze praktisch alle huizen in Balgerhoeke. In de nacht van 1 op 2 november verdwenen de laatste Duitsers uit Eeklo en de volgende ochtend kwamen de eerste Belgische soldaten het centrum van Eeklo binnen. Een dag later kwam ook koning Albert I Eeklo officieel bevrijden met de rest van de troepen.

In de Sint-Vincentiuskerk in Eeklo zijn er twee gedenkplaten aangebracht ter ere van de slachtoffers. In Balgerhoeke werd er in 1990 aan de brug over het Schipdonkkanaal een Sherman tank geplaatst als herinnering aan de zware slagen die aan het kanaal zijn geleverd in de Eerste en Tweede Wereldoorlog.



Het Meetjesland tijdens de Groote Oorlog

Na de verovering van Het Meetjesland verschoof het slagveld al snel naar de IJzerstreek. Dat wilde echter niet zeggen dat de Meetjeslanders het goed hadden. Een groot deel van het Meetjesland werd ‘Etappengebiet’. Bewoners van het Etappengebiet waren erg beperkt in hun bewegingsvrijheid. Ze mochten het Etappengebiet enkel verlaten als ze in het bezit waren van een speciale Duitse reispas. De goederen en de mankrachten in het Etappengebiet werden grotendeels opgeëist door de Duitsers, soms voor een schamele vergoeding.

Het Etappengebiet werd opgedeeld in verschillende ‘Kommandanturen’. Deze Duitse besturen werden gevestigd in enkele Vlaamse gemeenten en zorgden ervoor dat de gemeenten ten dienste stonden van het Duitse leger. De meeste Meetjeslandse gemeenten vielen onder de Kommandantur in Eeklo of Ertvelde. Een Duitse Kommandant stond aan het roer van een Kommandantur.

In het verloop van de Groote Oorlog werden sommige gemeenten ‘Operationsgebiet’. Dit gebied lag nog dichter bij het front en werd daarom onderworpen aan nog strengere regels. In het ‘Operationsgebiet’ mocht je zelfs nauwelijks je wijk verlaten zonder in het bezit te zijn van een Duits paspoort.

Het Meetjesland was ook een grensstreek, de Duitsers hielden de grens met het neutrale Nederland dan ook goed in de gaten. In 1915 begonnen de bezetters aan een elektrische versperring over de volledige lengte van de Belgisch-Nederlandse grens. Deze werd ‘Den Draad’ of ‘De Doodendraad’ genoemd. In 1917 vreesde de Duitse bezetter voor een geallieerde aanval vanuit het neutrale Nederland. Daarom bouwden ze langs de grens een bunkerlinie, genaamd de ‘Hollandstellung’. De bunkers zie je vandaag nog overal opduiken in het landschap. De aanval kwam er uiteindelijk niet.


Leer over de andere Meetjeslandse gemeenten in Wereldoorlog I

Aalter - Assenede - Eeklo - Evergem - Kaprijke - Knesselare - Lovendegem - Maldegem - Nevele - Sint-Laureins - Waarschoot - Zelzate - Zomergem