Nevele

Nevele herdenkt de Eerste Wereldoorlog, check onze agenda voor WOI-activiteiten in Nevele


Nevele situeert zich ten westen van Gent, aan de zuidelijke rand van het Meetjesland en heeft zes deelgemeentes: Hansbeke, Landegem, Merendree, Poesele, Nevele en Vosselare. Ga naar www.nevele.be.




Nevele tijdens de Groote Oorlog

Al in september van 1914 kreeg Nevele bezoek van de Duitsers. Drie Duitse verkenners te paard, Ulanen genoemd, werden opgemerkt door de lokale burgerwacht. Eén ervan werd gedood door de burgerwacht, de andere twee sloegen op de vlucht.

Vanaf 4 oktober 1914 trok het Belgische leger zich terug achter de IJzer. Om de troepen veilig het Schipdonkkanaal te laten oversteken, moesten de Kalebrug in Merendree en de spoorwegbrug in Landegem verdedigd worden tegen de oprukkende Duitse troepen. Deze opdracht werd toevertrouwd aan ongeveer 100 man van het 1ste Regiment Gidsen (een elite-eenheid). Tijdens het vier uur durende gevecht zijn op 13 oktober 1914 tien soldaten van dit regiment gesneuveld.

Nevele, Landegem, Poesele en Vosselare vielen onder de Kommandantur Deinze. Hansbeke en Merendree maakten deel uit van de Kommandantur van Eeklo. De Nevelaars gingen gebukt onder de strenge Duitse regels en leden honger. In 1915 en 1916 werden er in respectievelijk Nevele en Hansbeke hulp- en voedingscomités opgericht om de noodlijdende bevolking bij te staan.

In Nevele was een belangrijke spion aan het werk: ingenieur De Clercq, de directeur van de Nevelse elektriciteitscentrale. Hij slaagde erin om een draadloze uitzendpost te plaatsen in het klooster van Nevele. Van daaruit speelde hij via morse inlichtingen door aan de Engelsen. Hij werd eind oktober van 1918 gevat en ter dood veroordeeld, maar gered door het einde van de oorlog.

In het najaar van 1915 stortte in Vosselare een geallieerd vliegtuig neer. Een verslag van die crash is terug te vinden in een oorlogsdagboek. Het gevaarte, dat was neergestort op een akker in Vosselare, werd meteen omsingeld door Duitse troepen. De piloten, een Fransman en een Engelsman, werden ontwapend door de Duitsers en geboeid door Nevele geleid. De inwoners van Nevele probeerden de onfortuinlijke geallieerden een hart onder de riem te steken door hun verbale steun uit te drukken.

In 1918 kwam de bevrijding. De Belgische soldaten deden een uitval van achter de IJzer en kwamen vanaf Aalter, Bellem en Hansbeke. In Landegem en Merendree moesten ze het Schipdonkkanaal oversteken. Maar de Duitsers wilden met alle middelen de Belgische troepen bij het kanaal tegenhouden en neerschieten.
Tussen 21 en 24 oktober 1918 vestigden Belgische troepen voorposten op de westelijke oever van het kanaal. Op 31 oktober werd een algemene aanval uitgevoerd, maar de poging om loopbruggen in het kanaal te leggen mislukte. Van zodra de dragers het kanaal naderden in een kaal en onbeschermd terrein, maaide een hels Duits vuur de mannen neer. De verliezen aan Belgische zijde waren reusachtig.

Tijdens deze beschietingen lieten ook tientallen burgers van Hansbeke, Merendree, Nevele, Poesele en Vosselare het leven. In Nevele en Hansbeke stierven vele burgers als gevolg van aanvallen met stikgas en brandgas.
De schade aan huizen en gebouwen in Hansbeke, Merendree, Nevele en Landegem was enorm. In Hansbeke, Merendree, Landegem, Nevele, Vosselare en Poesele waren nagenoeg alle molens vernield en ze werden nooit meer heropgebouwd.

In Nevele en Hansbeke werden oorlogsmonumenten opgetrokken en ook in Landegem in Vosselare zijn gedenkstenen aangebracht. Aan het kasteel van Merendree staat een Duits monument, ter ere van de Duitse soldaten die sneuvelden op 13 oktober 1914.


Het Meetjesland tijdens de Groote Oorlog

Na de verovering van Het Meetjesland verschoof het slagveld al snel naar de IJzerstreek. Dat wilde echter niet zeggen dat de Meetjeslanders het goed hadden. Een groot deel van het Meetjesland werd ‘Etappengebiet’. Bewoners van het Etappengebiet waren erg beperkt in hun bewegingsvrijheid. Ze mochten het Etappengebiet enkel verlaten als ze in het bezit waren van een speciale Duitse reispas. De goederen en de mankrachten in het Etappengebiet werden grotendeels opgeëist door de Duitsers, soms voor een schamele vergoeding.

Het Etappengebiet werd opgedeeld in verschillende ‘Kommandanturen’. Deze Duitse besturen werden gevestigd in enkele Vlaamse gemeenten en zorgden ervoor dat de gemeenten ten dienste stonden van het Duitse leger. De meeste Meetjeslandse gemeenten vielen onder de Kommandantur in Eeklo of Ertvelde. Een Duitse Kommandant stond aan het roer van een Kommandantur.

In het verloop van de Groote Oorlog werden sommige gemeenten ‘Operationsgebiet’. Dit gebied lag nog dichter bij het front en werd daarom onderworpen aan nog strengere regels. In het ‘Operationsgebiet’ mocht je zelfs nauwelijks je wijk verlaten zonder in het bezit te zijn van een Duits paspoort.

Het Meetjesland was ook een grensstreek, de Duitsers hielden de grens met het neutrale Nederland dan ook goed in de gaten. In 1915 begonnen de bezetters aan een elektrische versperring over de volledige lengte van de Belgisch-Nederlandse grens. Deze werd ‘Den Draad’ of ‘De Doodendraad’ genoemd. In 1917 vreesde de Duitse bezetter voor een geallieerde aanval vanuit het neutrale Nederland. Daarom bouwden ze langs de grens een bunkerlinie, genaamd de ‘Hollandstellung’. De bunkers zie je vandaag nog overal opduiken in het landschap. De aanval kwam er uiteindelijk niet.


Leer over de andere Meetjeslandse gemeenten in Wereldoorlog I

Aalter - Assenede - Eeklo - Evergem - Kaprijke - Knesselare - Lovendegem - Maldegem - Nevele - Sint-Laureins - Waarschoot - Zelzate - Zomergem