Waarschoot

Waarschoot herdenkt de Eerste Wereldoorlog, check onze agenda voor WOI-activiteiten in Waarschoot.


Waarschoot ligt in het hartje van het Meetjesland en heeft verder geen deelgemeenten. Ga naar www.waarschoot.be.


Waarschoot tijdens de Groote Oorlog

De Belgische terugtrekkende troepen hadden Waarschoot nog maar net verlaten, of de vijand stond al aan de deur. Op 13 oktober werd Waarschoot omsingeld door de Duitse krijgsmachten, en net als zijn buurgemeentes veroverd.

Als buurgemeente van Eeklo viel Waarschoot ook onder diens Kommandantur. Er werd voor elke woning gekeken hoeveel plaatsen beschikbaar waren voor logement en in alle huizen werden Duitse soldaten ingekwartierd. De Sint-Ghislenuskerk, die in 2001 afgebrandde, deed dienst als Duitse uitkijkpost.

Alle mannen tussen 17 en 35 werden ingeschakeld door de bezetter en moesten dwangarbeid uitvoeren. Goederen werden opgeëist en er was veel armoede. Er werd dan ook een hulp- en voedingscomité opgericht met ziekte- en hongerbestrijding als voornaamste doelen.

De nadagen van de oorlog heeft Waarschoot relatief goed doorgekomen. Er werden veel kanonnen opgesteld in het centrum van Waarschoot, maar deze stonden vooral gericht op Zomergem, waar wel nog hevig gevochten werd. Waarschoot vervulde vooral een ondersteunende functie, vluchtelingen uit het oosten van het land werden in huis genomen en verzorgd. Ook gewonde Belgische soldaten werden verzorgd. Vooral de Waarschootse kloosterzusters speelden hier een grote rol. Op Allerzielen van 1918 werden de eerste Belgische soldaten feestelijk onthaald in Waarschoot.

Naast de kerk werd in 1928 een oorlogsmonument ingehuldigd. De twee bronzen beelden op de stenen sokkel, die de vrede moeten symboliseren, herdenken de gesneuvelden in Waarschoot en staan bovenop een grafkelder.


Het Meetjesland tijdens de Groote Oorlog

Na de verovering van Het Meetjesland verschoof het slagveld al snel naar de IJzerstreek. Dat wilde echter niet zeggen dat de Meetjeslanders het goed hadden. Een groot deel van het Meetjesland werd ‘Etappengebiet’. Bewoners van het Etappengebiet waren erg beperkt in hun bewegingsvrijheid. Ze mochten het Etappengebiet enkel verlaten als ze in het bezit waren van een speciale Duitse reispas. De goederen en de mankrachten in het Etappengebiet werden grotendeels opgeëist door de Duitsers, soms voor een schamele vergoeding.

Het Etappengebiet werd opgedeeld in verschillende ‘Kommandanturen’. Deze Duitse besturen werden gevestigd in enkele Vlaamse gemeenten en zorgden ervoor dat de gemeenten ten dienste stonden van het Duitse leger. De meeste Meetjeslandse gemeenten vielen onder de Kommandantur in Eeklo of Ertvelde. Een Duitse Kommandant stond aan het roer van een Kommandantur.

In het verloop van de Groote Oorlog werden sommige gemeenten ‘Operationsgebiet’. Dit gebied lag nog dichter bij het front en werd daarom onderworpen aan nog strengere regels. In het ‘Operationsgebiet’ mocht je zelfs nauwelijks je wijk verlaten zonder in het bezit te zijn van een Duits paspoort.

Het Meetjesland was ook een grensstreek, de Duitsers hielden de grens met het neutrale Nederland dan ook goed in de gaten. In 1915 begonnen de bezetters aan een elektrische versperring over de volledige lengte van de Belgisch-Nederlandse grens. Deze werd ‘Den Draad’ of ‘De Doodendraad’ genoemd. In 1917 vreesde de Duitse bezetter voor een geallieerde aanval vanuit het neutrale Nederland. Daarom bouwden ze langs de grens een bunkerlinie, genaamd de ‘Hollandstellung’. De bunkers zie je vandaag nog overal opduiken in het landschap. De aanval kwam er uiteindelijk niet.


Leer over de andere Meetjeslandse gemeenten in Wereldoorlog I

Aalter - Assenede - Eeklo - Evergem - Kaprijke - Knesselare - Lovendegem - Maldegem - Nevele - Sint-Laureins - Waarschoot - Zelzate - Zomergem